20171028 We waren weer in Pijnacker
Precies een jaar na de vorige algemene jaarvergadering van onze vereniging waren we op de zelfde plaats als toen: in het pannenkoekenhuis De Soete Suikerbol in Pijnacker. Net als een jaar geleden kwamen de leden bijeen voor de algemene jaarvergadering van onze vereniging. Het was dit jaar wat drukker en rumoeriger in het pannenkoekenhuis omdat 11 oktober deze keer op een woensdag viel en de vrije middag voor een groepje schoolkinderen pannenkoeken eten betekende. Van de vereniging SLBO waren 44 leden naar Pijnacker gekomen om (zoals gewoonlijk) niet al te kritisch maar wel zorgvuldig de vergaderstukken van commentaar te voorzien en, waar nodig, een paar vragen op het bestuur af te vuren. Het bestuur was niet compleet aanwezig. Dia was verhinderd en dat gold ook voor Nettie Moors. Nettie nam, net als penningmeester Hans van den Ijssel, geheel overeenkomstig de statuten na negen jaar afscheid van het bestuur. Volgens die statuten waren beiden niet herverkiesbaar meer. Na zijn toelichting op het financieel jaarverslag en de begroting voor 2018, die een andere penningmeester in de praktijk mag gaan invullen, kreeg Hans bloemen en werd hij bedankt voor het werk dat hij had verricht om de verenigingsfinanciën te beheren en het mede-organiseren van de diverse activiteiten tijdens de negen jaar dat hij bestuurslid is geweest. De geuite lof is beslist verdiend, want ook dit jaar hadden de leden van de kascontrolecommissie geen probleem binnen onze boekhouding en het kasbeheer gevonden.
De verdiende loftuitingen voor Nettie worden bewaard tot onze volgende bijeenkomst op 12 december a.s. Het zal wel even wennen worden voor de medebestuursleden en veel van onze leden. Nettie was negen jaar lang het aanspreekpunt voor de leden en velen wisten haar via de mail en de telefoon te vinden. In december komen we daar nog op terug. Dan is er inmiddels een bestuursvergadering geweest waar zowel de oude als de nieuwe bestuursleden bij aanwezig waren en waar de functies in het bestuur opnieuw zijn verdeeld. Want er zijn ook weer twee leden gevonden die de opengevallen bestuursplaatsen gaan innemen. Tijdens de vergadering werden Paul van Riet en Jos van Pelt bij acclamatie gekozen in het bestuur. In december zullen zij zich nader presenteren aan de leden. Onze voorzitter had ook deze keer geen grote problemen: de vergadering verliep zoals meestal zonder conflicten en debatten en hij kon het binnen het tijdschema afsluiten met een blik op onze activiteiten in 2018, het jaar waarin de SLBO tien jaar zal bestaan.
De lunch smaakte net als vorig jaar weer goed: soep naar keuze en lekkere broodjes met naar behoeven koffie, melk en jus d’orange. Na de lunch was er nauwelijks tijd om met elkaar te praten, want in een zaaltje werd de beamer al getest en de microfoon uitgeprobeerd. Tamar van Moolenbeek van de bibliotheek Den Haag en Ayden Dijkstra van de VOB vertelden ons gedurende een uur over de activiteiten van een netwerk binnen de huidige openbare bibliotheek waar wij niet meer geschikt voor zijn: de JBN, het Jonge Bibliothecarissen Netwerk. Deze jonge bibliothecarissen hebben als motto’s “kennis – verbinding – delen – innovatie”. Dat zijn motto’s die niet zo veel verschillen van de trefwoorden die de meesten van ons tijdens onze actieve bibliojaren bezigden, maar het werd al snel duidelijk, dat de middelen van deze jonge bibliothecarissen anno 2017 heel anders zijn dan die waarmee wij hebben getracht om onze doelen te realiseren. Het Netwerk voor jonge medewerkers in de bibliotheeksector organiseert twee keer per jaar inhoudelijke bijeenkomsten voor de aangesloten leden, is te vinden op Facebook en laat ook op het Nationaal Bibliotheek Congres van zich horen. Tijdens het verhaal van Tamar kwamen woorden en begrippen als belangrijk, vindingrijk, glansrijk, fantasierijk en kansrijk voorbij. Samengevat in “de bibliotheek maakt je rijker”. Samenwerking zoeken met andere organisaties en instellingen spreekt vanzelf, zo onderstreepte ook Ayden. Hij vertelde ook, dat de VOB, de voortzetting van het oude NBLC, Den Haag heeft verlaten en nu in Utrecht is gevestigd. Die vestiging ligt meer centraal in Nederland en zonder de veelheid aan verschillende werkzaamheden binnen het gebouw van de Koninklijke Bibliotheek is er meer rust en ruimte om met gelijkgestemden contact te hebben. Het lijkt weer leuk te worden om jong te zijn binnen de bibliotheken.
Wij ouderen stelden de bijdragen van de enthousiaste JBN-ers zeer op prijs, maar wij waren daarna toch weer bezig met het constateren dat wij allemaal weer ouder zijn geworden in het afgelopen verenigingsjaar en dat dat bij velen van ons te merken is aan onze gezondheid. Van de mogelijkheid om daarover met elkaar te praten (en natuurlijk ook over kleinkinderen en zo) werd nog ruim gebruik gemaakt. Chris maakte zijn laatste foto’s van de dag en wij vertrokken weer met auto’s of de Randstadrail. Tot december in de chocoladefabriek!
WZ.
SLBO / 28 oktober 2017

We zagen stoomauto’s, vroege elektrische auto’s, paardloze rijtuigen, Spijkers (inclusief een model van het Spijker vliegtuig), Ferrari ‘s (waarbij een groene, met als nummerbord AA-17), Fords, Hispano-Suiza’s, Formule 1 wagens, voorlopers van de VW-kever, auto’s van maharadja’s, kleine auto’s, veel hele grote auto’s, twee zwanen-auto’s (vond ik persoonlijk wel leuk), een grote oude brandweerauto enz. enz. enz. en alles in haast perfecte staat. Ter afwisseling ook oude affiches, herinneringsmedailles, oude auto-souvenirs, porseleinen bordjes met een auto-afbeelding, radiatordoppen met hele beeldhouwwerken erop en de cabine van een zeppelin. Er was heel veel te zien en te leren en de rondleiding duurde dan ook behoorlijk lang. Terug in het restaurant lieten we ons de soep, het brood, de melk en de koffie en het fruit goed smaken. Tegen drie uur vertrok bijna iedereen weer en was er voor een paar van de organisatoren nog even tijd om na te praten. Hun conclusie was, dat het best geslaagd was geweest al waren ze het er wel over eens, dat wat meer budget, een autobus (!) en een meer boekgerichte bestemming te prefereren waren geweest. Wie weet, misschien weer in 2018? In elk geval vertrok ik rond half vier, na nog even gekeken te hebben naar mijn eigen persoonlijke favoriet (de Tatra in de hal, een van de weinige top-auto’s waar ik ooit – in 1961- in heb gereden) tevreden, maar moe weer naar huis. Vanzelfsprekend op de fiets.

de meeste deelnemers het poseren voor een nostalgieke foto voor de deur van het popmuseum. Pas toen kon men naar binnen voor een kop koffie met een koek. Onder leiding van drie rondleiders (waarbij ons lid Paul van Riet) werden we door het museum gevoerd. Nostalgie stond voor de meesten centraal, want veel van de tentoongestelde muzikale zaken maakten herinneringen los. De herbouwde Hilversumse studio van Radio Veronica herinnerden mij aan mijn werk in de jaren voordat ik bij het NBLC terecht kwam, net zoals de toonbankplatenafspeelbar van het type waaraan ik ooit gewerkt heb. Anderen (de echte Hagenezen) haalden herinneringen op aan dansen in de Marathon, aan de vele Haagse bands uit de jaren ’60 en ’70en aan het scheuren op een echte (ook aanwezige) Puch. Net als de meeste andere musea kan het popmuseum maar een klein deel tonen van de eigen collectie, maar dit deel was al best ons bezoek waard. Veel deelnemers namen zich dan ook voor om nog eens terug te komen om in alle rust het lawaai van de oude hits te ondergaan.
Bijna een half uur voor het voorziene vertrekuur van het restaurant startte chauffeur Sjoerd de motor van de bus om ons via een omweg te vervoeren naar het derde reisdoel van de dag: het Keringhuis aan de Maeslantkeringweg. Ook dit reisdoel lag aan de Nieuwe Waterweg, wat natuurlijk vanzelfsprekend is voor een waterkering die de Nieuwe Waterweg moet afsluiten wanneer wind, vloed en heel veel water zorgen voor een noodsituatie die het hoofd geboden moet worden. Uit de foto’s die dit verslag begeleiden kunt u opmaken, dat die kering op z’n zachtst gezegd indrukwekkend is. Nogal wat deelnemers aan onze reis hadden er geen flauw idee van wat ze zich moesten voorstellen bij dit programmapunt, maar dat veranderde snel. Het visuele spel van de spanten van de sluitdeur aan onze kant van de Nieuwe Waterweg werd bovendien nog eens extra geaccentueerd door de stellages van de schilders die bezig waren om met rollers het wit van de spanten nog witter te maken. Als afsluiting van deze les in Nederlandse waterbouwkunde kregen we in het museum ook nog te zien wat er zou gebeuren wanneer er bij de stijgende zeespiegel geen permanent onderhoud aan de dijken en de andere waterkerende kunstwerken zoals de Maeslantkering zou worden gepleegd.
Oude directeur